Beste 4K TV

Zowat iedereen die een beetje geïnteresseerd is in tv, film of games weet het ondertussen wel: 4K is nu al een poosje de standaard geworden voor beeldschermen. Waar staat 4K voor? Over het algemeen gaat het hier over televisies die een resolutie van 3.840 pixels in de breedte en 2.160 pixels in de hoogte aanbieden – 4 keer meer dan hd te bieden heeft. De beste in onze lijst is de Sony KD-55XH9505 door de uitstekende kwaliteit voor een betaalbare prijs. Wil je een aankoop die meer gericht is op de toekomst? Dan is de QLED Samsung Q90R een zeer goede optie.

Weet je nog niet welk type tv je wil? Bekijk het volledige overzicht in de lijst met beste tv’s 2020.

TOP 5 – Beste 4k TV 2020

SONY KD-55XH9505

Met KD-55XH9505 probeert Sony de achterstand op oled-tv’s gedeeltelijk in te halen. Dat doet het vooral met een aantal technologieën die de Japanse reus toelaten om een bredere kijkhoek, vloeiendere bewegingen en een breder geluidslandschap aan te bieden. Helaas is het aantal dimzones nog wat beperkt en ontbreekt de allernieuwste kunstmatige intelligentie.

Voordelen

  • Full Array backlight
  • Scherp beeld met Dolby Vision, HDR10 en HLG
  • X-Motion Clarity & Dolby Atmos
  • Brede kijkhoek met X-Wide Angle
  • Zeer goede 4K HDR X1 Ultimate-processor
  • Goedkoper dan Sony’s top oled-toestellen

Nadelen

  • Geen HDR10+
  • Slechts 1 hdmi 2.1/eARC-aansluiting
  • Geen VRR of ALLM
  • Te weinig dimzones
  • In HDR-modus verdwijnen er details bij witte tinten
  • Nog geen deeplearning

SAMSUNG Q90/Q90R QLED

Samsung blijft met deze fantastische Q90 verder inzetten op quantumdottechnologie. Vooral bij het opschalen van een lagere naar een hogere resolutie maakt dit toestel indruk, maar de Zuid-Koreaanse fabrikant heeft ook aan gamers en aan design gedacht. Samsung blijft wel weg van Dolby Vision en bovendien zijn er nog steeds iets meer foutjes te ontdekken dan bij oled-panelen.

Voordelen 

  • Full Array backlight
  • Heel natuurlijke beelden met veel diepte en detail
  • Smart tv met Tizen Smart Hub, Airplay 2, Apple TV, bluetooth
  • Voorzien van HDR10, HDR10+, HLG en CI+
  • One Connect box
  • Geweldige gamemodus met zeer lage latentietijd
  • VRR en ALLM

Nadelen

  • Geen Dolby Vision of Atmos
  • Soms wat scherpteverlies bij snelle bewegingen
  • Full Array backlight is niet perfect
  • Soms nog wat gloed bij witte tinten

LG OLED65GX6LA

Het eerste oled-toestel in onze lijst staat meteen ook garant voor het mooiste beeld. De OLED65GX6LA heeft allerhande spitstechnologie in huis die stevig op de toekomst is gericht en ook het geluid heeft een ferme upgrade gekregen, maar weet wel nog niet het niveau te bereiken van een goed surroundsysteem. Verder ontbreekt enkel HDR10+ om het niveau naar een eenzame hoogte te tillen.

Voordelen

  • Zowat alle mogelijke next-genvoorzieningen
  • Scherp beeld met Dolby Vision IQ, HDR10 en HLG
  • G sync & Bluetooth Surround-compatibel
  • Beter geluid met Dolby Atmos, AI Sound Pro en AI Acoustic Tuning
  • Superbe gamemodus met onder andere tonemapping
  • VRR en ALLM

Nadelen

  • Duurder dan de CX vanwege het betere geluid
  • Nog steeds niet voldoende bastonen
  • Geen HDR10+
  • Bedoeld om aan de muur te worden gemonteerd

TCL 55DP600

Wie 4K-beeld wil, niet al te veel geld op zak heeft en vooral gewoon naar tv wil kijken, kan terecht bij deze TCL 55DP600. De lage prijs is er wel niet zomaar, want het toestel ontbeert heel wat technologie die van de andere modellen in dit lijst stoppers maakt. Vooral gamers zullen iets meer willen slijmen bij de ouders of enkele extra dagen moeten werken om niet gefrustreerd voor de buis te zitten.

Voordelen

  • Goedkoop
  • Ondersteunt HDR10 en HLG
  • CI+
  • Uitstekend beeld voor een tv van deze prijs

Nadelen

  • Geen HDR10+ én geen Dolby Vision
  • Geen HDMI 2.1 of USB 3.0
  • Geen lokale dimming
  • Lage refreshrate
  • Zwak geluid met totaal vermogen van 16 Watt
  • Geen VRR of ALLM
  • Nauwe kijkhoek

SAMSUNG UE55RU7400

In tegenstelling tot de TCL 55DP600, biedt de UE55RU7400 van Samsung wél HDR10+ aan. Gamers met een laag budget staan dan weer voor een verscheurende keuze: kopen ze dit toestel omwille van de érg lage latentietijd, of laten ze het links liggen wegens het ontbreken van VRR, ALLM en een degelijke verversingssnelheid?

Voordelen

  • Aantrekkelijk geprijsd
  • Local dimming
  • Ondersteuning voor HDR10, HDR10+ en HLG
  • Goede geluidskwaliteit
  • Degelijke gamemodus

Nadelen

  • Geen Dolby Vision of Dolby Atmos
  • Geen al te hoge maximumhelderheid
  • Geen HDMI 2.1
  • Geen VRR of ALLM

4K-TV’s vergelijken

Wat is 4K en ultra-hd?

Doorheen de televisiegeschiedenis is de beeldscherpte waarin we beelden te zien krijgen almaar omhoog gegaan. Die resolutie wordt gemeten in pixels: heel kleine puntjes die, wanneer je ze vanop afstand bekijkt, een homogeen beeld vormen.

4K

4K is een nieuwe sprong voorwaarts en staat eigenlijk voor het feit dat deze beeldscherpte ongeveer 4.000 pixels in de breedte meet. Wat dat aantal precies is, varieert van medium tot medium. Zo kent de cinemawereld alleen al 3 verschillende 4K-standaarden binnen de ‘Digital Cinema System Specification’: 4.096 x 2.160 (‘fullframe’), 3.996 x 2.160 (‘flatcrop’) en 4.096 x 1.716 (‘CinameScope’).

Ultra-hd

Gelukkig besloot de ‘Consumer Electronics Association’ (‘CEA’) in 2012 om een standaard aan te nemen die momenteel voor zowat alle 4K-tv’s wordt gebruikt: ultra-hd. Die staat voor een resolutie van 3.840 x 2.160 of (iets) groter en een ‘aspectratio’ van 16:9 of breder. Na enkele secondjes hoofdrekenen (haha), kom je aan een resultaat van 8.294.400 pixels – bijna exact 4 keer meer dan hd omdat ultra-hd zowel in de breedte als in de lengte 2 keer meer pixels heeft. De ‘aspectratio’ van 16:9 wordt zo behouden.

Wat alles net iets verwarrender maakt, is dat ultra-hd niet enkel voor de resolutie van 4K staat. Er zijn immers nog meer vereisten om aan deze standaard te voldoen: een kleurendiepte van minimaal 8 bits, minstens een HDMI-ingang, een verversingssnelheid van 60 Hz of hoger, de mogelijkheid om sd- en hd-content ‘op te schalen’ naar 4K en een voldoende grote kleurenruimte.

Waarom een 4k-tv kopen?

Veel hogere resolutie

Doorheen de jaren is de resolutie van onze beeldschermen enkel toegenomen. De laatste tijd is 4K de standaard geworden en tref je hd enkel nog aan bij oudere tv’s en goedkope monitors. Niet verwonderlijk, want de technologie bestaat nu al een tijdje en neemt dus ook een veel minder grote hap uit het budget dan het geval was toen ze pas werd geïntroduceerd. Dat je een veel gedetailleerder beeld krijgt dan bij hd, mag duidelijk zijn, maar soms hoor je wel dat het hogere aantal pixels niet waarneembaar is met het blote oog. Is dat zo? Alles hangt af van de afstand waarop je tv kijkt. De bewering houdt verder geen rekening met het feit dat de meeste mensen niet over 20/20-zicht beschikken – waarover hieronder meer.

Fotografen zijn gewend om foto’s te maken die een veel hogere resolutie hebben dan hd. Hun werk verloor tot de introductie van 4K in de huiskamers dus veel nuance wanneer ze het op hd-tv’s of andere beeldschermen bekeken. De hogere pixeldichtheid van 4K laat je toe om veel dichter bij jouw toestel te zitten zonder dat duidelijk wordt dat het beeld eigenlijk uit kleine puntjes is opgebouwd. Wie vertrouwd is met pointillisme als schildertechniek, weet wat we bedoelen – met dank aan artiesten als Georges Lemmen en Paul Signac.

Als je hun kunstwerken vanop afstand bekijkt of als je de afbeeldingen klein genoeg maakt, zie je ook de verfpuntjes bijna niet meer … en, ja, dat impliceert dus ook dat je op dezelfde afstand als waarop je hd bekijkt een veel groter scherm kunt neerpoten zonder dat je een rooster van punten begint te zien.  Je kunt er dus effectief van uitgaan dat je veel meer details zult kunnen opmerken als je een 4K-tv in huis haalt, maar dat is niet het enige voordeel.

dunne OLED TV

Meer kleurendiepte

De ‘kleurendiepte’ van een beeldscherm staat voor het aantal bits dat wordt gebruikt om de kleur van een pixel te coderen; hoe meer bits, hoe meer verschillende kleuren het beeld kan bieden. Voor een monochroom (zwart-wit) beeld heb je slechts 1 bit nodig, maar daar kan je dan enkel puur zwart en puur wit mee weergeven (aan of uit). Grijswaarden zijn niet mogelijk, waardoor zowel kleur- als zwart-witweergaven vroeger standaard 8 bits aan kleuren gebruikten – goed voor 256 verschillende tinten voor elk van de primaire kleuren (rood, geel en blauw).

Voor de definitie die het ‘Ultra HD Premium’-label tijdens CES (de grootste consumentenelektronicabeurs ter wereld) in 2016 heeft gekregen, geldt echter een kleurendiepte van 10 bits als aanbeveling – goed voor 1.024 schakeringen per primaire kleur, oftewel miljarden mogelijke kleuren. Ultra HD-Premium vereist dat tv-toestellen minstens 90% van die kleuren weergeven, terwijl beeldverwerkingsmonitors aan de volledige 100% moeten geraken. Sommige merken hanteren nog een eigen label, in dat geval check je dus best eerst van tevoren of dat aan dezelfde richtlijnen moet voldoen.

Hogere helderheid & diepere zwartniveaus

Het Ultra-HD Premium-label en gelijkaardige labels die op 4K-tv’s worden geplakt betekenen ook dat die toestellen een bepaalde helderheid moeten bereiken. Dat wordt ‘High Dynamic Range’ of ‘HDR’ genoemd. Helderheid wordt gemeten in ‘nits’. Voor reguliere led-tv’s is de aanbeveling dat ze 1.000 nits moeten kunnen bereiken; voor oled-televisies geldt het iets lagere 540 nits, al slagen heel wat premium oled-toestellen er tegenwoordig in om een hogere helderheid te halen.

Heb je nog een sd- of een hd-scherm in huis? Probeer dan eens een inktzwart beeld stil te zetten en zo te ontwaren of je echt wel uniform zwart ziet. Het antwoord is bijna altijd ‘neen’: vaak zit er een flikkering in het beeld, is het zwart wat ‘uitgewassen’ of is het niet zo diep als je zou verwachten. Gecertificeerde Ultra HD-Premium toestellen bieden echter altijd diepere zwartniveaus aan. Led-tv’s moeten een helderheid van lager dan 0,05 kunnen bereiken, terwijl oled-tv’s zelfs onder 0,0005 nits moeten kunnen duiken – meteen de reden waarom we al vaak hebben aangestipt dat oledschermen zulke diepe zwartniveaus weten weer te geven, terwijl ledpanelen dan weer helderder zijn.

Hoge verversingssnelheid

De verversingssnelheid of ‘refreshrate’ van een beeldscherm staat voor de snelheid waarmee een signaal wordt vervangen. Ze wordt uitgedrukt in hertz (Hz). Een refreshrate van 60 Hz betekent bijvoorbeeld dat het signaal 60 keer per seconde wordt ‘verfrist’. Dat is wat weinig voor games van de nieuwe generatie, waardoor 120 Hz een betere keuze is als je ook spelletjes wilt spelen op jouw tv, maar er bestaan inmiddels ook al schermen die tot een indrukwekkende 240 Hz gaan. Hoe hoger de refreshrate is, hoe vloeiender snelle bewegingen (zoals het geval is in actiescènes of sportwedstrijden) worden weergegeven. Onze zenders en streamingdiensten zenden zelden programma’s uitzenden waar 120 Hz voor nodig is. Die technologie wordt steeds beter, waardoor beelden er soms té realistisch kunnen uitzien. Bekijk dus zeker of je deze technologie ook kunt uitschakelen als je een ouderwetse filmliefhebber bent.

Omdat elke diode van een oledscherm zowel haar eigen lichtbron als haar eigen helderheid bevat, terwijl het licht van de led-lampjes in traditionele ledschermen doorheen lcd-luikjes moet schijnen, genieten oledschermen ook een betere responstijd. Met een potentieel van 0,001 ms, zijn ze zelfs ongeveer 1000 keer sneller dan standaard ledschermen. Die responstijd is cruciaal als je de tv gebruikt om te gamen: je wil immers zo snel mogelijk zien wat er gebeurt, om zo snel mogelijk te kunnen reageren.

Steeds meer HDR-content

Steeds meer uitzendingen maken gebruik van een van de HDR-formaten, waaronder HLG, HDR10, HDR10+ en Dolby Vision. Dat zorgt voor betere contrasten, kleuren en helderheid. Ultra-HD Premium kan altijd HDR-inhoud ‘lezen’ en vertalen, maar niet alle televisies bieden elk mogelijk formaat aan. Meer over HDR vind je hieronder.

4K TV kopen, waar op letten

1. Welk formaat wordt er gebruikt?

Zoals hierboven aangegeven, is het altijd goed om te checken of een tv het Ultra-HD Premiumlabel draagt. Dat is het geval bij de meeste grote merken, maar vooral minder bekende elektronicabedrijven hebben een eigen label of halen de vereisten die door Ultra-HD Premium worden vooropgesteld niet.

Verder is het natuurlijk erg belangrijk welk formaat jouw tv ondersteunt: HLG, HDR10, HDR10+ en/of Dolby Vision. Wie heel veel naar Netflix kijkt, kiest bijvoorbeeld best een toestel dat Dolby Vision in huis heeft. Bekijk je enkel blu-rayschijfjes of kies je exclusief voor Amazon Prime als streamingdienst, dan maakt de keuze tussen HDR10+ en Dolby Vision weinig uit. De televisies van Panasonic en Philips, ondersteunen overigens de beide formaten.

2. Afstand

Of je het maximum uit 4K of 8K kunt halen, hangt sterk af van de grootte van het scherm en de afstand van waarop je ernaar kijkt. Over het algemeen wordt een kijkhoek van 26 tot 40 graden aanbevolen, maar die is bij oledschermen een stuk breder dan bij reguliere ledpanelen. Verder wordt er doorgaans uitgegaan van een 20/20-zicht. Dat staat voor hoe scherp jouw gezichtsvermogen is op een afstand van 20 voet (bijna exact 6 meter). Een zicht van 20/60 betekent bijvoorbeeld dat je op 6 meter afstand moet staan om te kunnen zien wat iemand met een normaal gezichtsvermogen op 18 meter kan zien.

Iemand die een normale 20/20 scoort op deze schaal, kan details ter grootte van 1 boogminuut (een zestigste van een graad) zien. Dat betekent dat ze vanop een kijkhoek van 31,2 graden elke pixel van een hd-scherm zien. Om hetzelfde te kunnen met een ultra-hd-scherm, moet je al een kijkhoek hebben van 58,4 graden en dat komt ongeveer overeen met de voorste rijen van een bioscoopzaal. Dat lijkt té dichtbij, maar… 20/20 staat enkel voor ‘voldoende scherp’. De meeste mensen hebben een béter zicht, dat ergens tusen 20/16 en 20/12 ligt, wat betekent dat ze 75 tot 100 pixels per graad kunnen zien. Sterker, nog: de scherpste menselijke ogen zien dubbel zoveel details, dus 120 pixels per graad. Vorsers aan de Japan Broadcasting Corporation hebben echter ontdekt dat we nog beelden kunnen onderscheiden die details hadden tot 312 pixels per graad (hoger werd niet meer getest).

Ten slotte is er zoiets als de ‘Lechter-afstand’. Die is vernoemd naar de eerste wetenschapper die onderzoek deed naar de gemiddelde afstand waarop mensen daadwerkelijk naar tv kijken en ligt op 2,7 meter, al kan dat volgens ander research oplopen tot zo’n 3 meter. Concreet: vanaf die afstand heb je al baat bij een ultra-hd-toestel van 42 inch.

Om het kort te houden: de aanbevolen afstand varieert, afhankelijk van de bron, van 1,5 keer tot 2,5 keer de schermdiagonaal. Met andere woorden: we halen nog altijd optimaal detail uit een ultra-hd-tv van 55 inch (of 139 cm) als we die op een afstand van 2,09 meter tot 3,47 meter bekijken. De gemiddelde kijkafstand valt daar netjes tussen. Meteen wordt het een en ander duidelijk: wie beweert dat je geen extra voordeel haalt uit 4K, heeft ongelijk. Niet alleen moet je dan al verder zitten dan (als we het ruimste cijfer nemen) 3,47 meter, je houdt dan ook geen rekening met alle andere voordelen die ultra-hd te bieden heeft. Onze conclusie? Geef die hd-tv maar weg aan iemand die hem kan gebruiken en ga resoluut voor een 4K-scherm!

3. Andere overwegingen

Natuurlijk zijn ook de luidsprekers, het eventuele surroundgeluid, allerlei mogelijke aansluitingsmogelijkheden, de gebruikte technologie (led, oled of qled), de kijkhoek en de vorm van jouw tv belangrijk. Omdat dit artikel vooral gericht is op 4K-weergave, vind je aanbevelingen hierrond in onze andere artikels rond tv’s.

Beste OLED TV’s doorgelicht

De nieuwe KD-55XH9505 zet de trend van Sony om de gebreken van ledtelevisies tegenover oledtoestellen te camoufleren voort. Zo is hij voorzien van ‘Full Array backlight’, wat betekent dat er lokaal dimbare zones van led-lichtjes achter de pixels zitten. Omdat traditionele led-tv’s volledig van achteren of aan de zijkanten worden belicht, slagen ze er niet in om de diepe zwartniveaus van oledpanelen (waarbij elke pixel zichzelf kan aan- en uitzetten) te halen. Door zones in te voeren waarin meerdere pixels tegelijkertijd kunnen worden belicht, probeert Sony dat euvel op te lossen. Helaas zijn er eigenlijk te weinig zones (6 x 9) om in alle omstandigheden een optimaal resultaat te bekomen, waardoor je vooral in complexe, snel bewegende beelden nog foutjes kunt zien. Samen met X-Motion Clarity, waarbij zwarte beelden tussen bepaalde frames worden gevoegd om vloeiendere bewegingen te krijgen, zorgt de backlight wel voor een uitstekend resultaat, al heeft het soms moeite met letters.

Een andere manier waarop Sony met dit ledscherm de oledconcurrentie probeert bij te benen, is de toevoeging van een ‘X-Wide Angle’-laag. Die zorgt ervoor dat je effectief vanuit een grotere kijkhoek optimaal kunt genieten van deze tv. Ook het verplaatsen van de tweeters naar de zijkanten, zodat er eens soort X-as van luidsprekers wordt gecreëerd, is een succes te noemen: het geluid klinkt inderdaad steviger dan dat bij de voorgangers van dit model en vult ook de ruimte stukken beter.

Beste sony tv

Eveneens een duidelijke verbetering: de interface. Het menu is duidelijker en gebruiksvriendelijker dan ooit en is goed geïntegreerd met Android, wat voor een veel betere ervaring zorgt. Vooral de toevoeging van icoontjes bij bepaalde opties zorgt ervoor dat je sneller begrijpt waar ze voor staan en wat je ermee kunt doen. Ook de Ambient Optimization, die de kamer waarin het toestel staat opgesteld inschat en zowel het beeld als het geluid daaraan aanpast, blijkt erg goed te werken.

Esthetisch zit alles dik in orde, met aansluitingen aan de zijkant voor wie het toestel aan de muur wil hangen en twee voetstukken die zowel centraal als aan de zijkanten gemonteerd kunnen worden. Let wel: bij de versies met de kleinste en grootste schermdiagonaal kan dat niet. Overigens is de afstandsbediening nu voorzien van verlichte toetsen, wat natuurlijk erg handig is.

Vanzelfsprekend zijn er ook mindere punten. Zo is er buiten een eARC-aansluiting (waarmee je een beter geluid krijgt) haast geen HDMI 2.1-ondersteuning en ondanks een gamemodus die een heel degelijke framerate biedt, ontbreekt zowel VRR (‘Variable Refresh Rate’) als ALLM (‘Auto Low Latency Mode’). VRR zou de verversingssnelheid verschillende keren binnen een game kunnen aanpassen, terwijl ALLM automatisch zou detecteren wanneer er een compatibele console wordt aangesloten. Dat gebeurt nu niet, waardoor je zelf eerst nog de gamemodus moet inschakelen. Op die kleine bedenkingen na, is dit wel een erg goede tv.

De strategie van het Koreaanse Samsung is al lang duidelijk: geen geld geven aan LG om oledschermen te mogen gebruiken, maar wel proberen om ledschermen te perfectioneren met eigen technologische innovaties. De oplossing van deze elektronicagigant: qled. De technologie werkt met een laag ‘quantumdots’ die over een regulier led-backlightpaneel wordt geplaatst. Die film bestaat uit heel kleine puntjes van 2 tot 10 nanometer groot. Elk van die ‘dots’ straalt zijn eigen individuele kleur uit die wordt bepaald door de exacte grootte. Volgens Samsung zouden zo meer dan een miljard kleuren kunnen gegenereerd worden.

De nieuwste generatie quantumdots laat bovendien een veel hogere helderheid toe, waardoor de kleuren ook op de hoogste helderheidsniveaus gepreserveerd worden en er een grotere kleurenruimte ter beschikking zou zijn dan bij led of oled het geval is. Door ook een extra film toe te voegen die reflecties beter opvangt, probeert Samsung met haar qledschermen zwartniveaus te bekomen die kunnen rivaliseren met die hun oledneefjes.

Wat er ook van zij, de beelden die we tijdens een demonstratie op CES 2020 van deze Q90 te zien kregen, waren indrukwekkend. Hoewel de pixels van Samsungtoestellen nog steeds – net zoals het geval is bij gewone led-tv’s – door een aparte lichtbron moeten worden verlicht, kan dat bij dit model in veel meer zones gebeuren dan bij de hierboven besproken Sony KD-55XH9505, wat voor minder foutjes zorgt, al oogt het beeld soms net iets helderder dan de filmmakers wellicht bedoeld hadden. De processor levert verder schitterend werk af en weet zowat alle ruis uit het beeld te verwijderen, bewegingen vloeiend weer te geven en heel natuurlijke kleuren te produceren.

Dankzij machinelearning en kunstmatige intelligentie wordt dit toestel bovendien steeds beter aan het matchen van zijn geluid en beeld bij jouw omgeving. Twee extra lagen, waarvan er eentje het licht iets meer in verschillende richtingen uitstraalt, zorgen voor een kijkhoek die je doorgaans enkel bij oledschermen kunt vinden. Omdat de tv vanwege het backlight ook wat dikker is, passen er trouwens grotere luidsprekers in en dat hoor je wel erg duidelijk.

Smart TV met Tizen

Het eigen besturingssysteem van Samsung weet erg goed om te gaan met alle opties en smartfuncties die deze Q90 te bieden heeft. Bixby is wel niet de slimste assistent ooit, maar er is ook ruimte om over te schakelen naar Google Assistant, Amazon Alexa of zelfs Siri, al bekijk je op voorhand best wel of alle functionaliteiten in jouw land beschikbaar zijn. Overigens kan je zowat alle andere elektronische apparatuur ook aansluiten op dezelfde afstandsbediening, waardoor jouw tv een echte smarthub wordt van waaruit je jouw hele woonst kunt ‘sturen’.

Een van de absolute verkooppunten van deze Q90 is de ‘One Connect’. Er loopt immers maar 1 lange kabel vanuit het toestel naar buiten. Daarmee verbind je de tv met deze box, waar alle andere aansluitingen in verwerkt zijn. Dat is natuurlijk goed nieuws voor de esthetiek, want het is erg gemakkelijk om de box ergens te plaatsen waar de extra kabels en randapparatuur haast onzichtbaar verwerkt kunnen worden. Reken daar ook nog eens de Ambient Mode waarmee dit toestel als een soort schilderij kan gebruikt worden bij en je beseft dat deze Q90 doubleert als kunstzinnig decorstuk.

Voor gamers is er eveneens goed nieuws, want deze Samsung bevat niet alleen VRR (‘Variable Response Rate’) en ALLM (‘Auto Low Latency Mode’), de latentietijd bij het gamen is effectief erg laag. Minder goed nieuws is dan weer dat Samsung nog steeds geen Dolby Vision ondersteunt en dat geldt wat het sonische landschap betreft ook voor Dolby Atmos. Jammer, maar gelukkig weet de processor toch het een en het ander goed te compenseren.

Wil je een tv-toestel dat nog een hele poos ‘futureproof’ zal zijn zonder nu al te investeren in 8K? Dan kan je moeilijk beter doen dan deze GX6LA van LG. Die is vooral bedoeld om aan de muur te monteren, maar het feit dat de aansluitingen dan wel moeilijk bereikbaar zijn, is buiten het ontbreken van ondersteuning voor HDR10+ meteen een van de enige minpunten.

Terwijl heel wat 4K-tv’s het bij een of twee HDMI 2.1-aansluitingen houden, biedt deze GX er maar liefst vier en dat zijn allemaal HDCP2.2-inputs, waarvan er eentje is uitgerust met eARC (voor een beter geluid over HDMI). Al deze aansluitingen hebben 4K-compatibiliteit aan 120 Hz, wat ze uiterst geschikt maakt voor de volgende generatie consoles, waaronder natuurlijk de Playstation 5 en de X-box Series X die dit jaar de gamewereld zullen proberen te veroveren en dat is niet eens alles: met Bluetooth Surround zal je binnenkort een volledig surroundsysteem kunnen aansluiten via bluetooth en met NVIDIA G-Sync zou de GX altijd in staat moeten zijn om, gebaseerd op het op gebruikte aantal frames, de beste verversingssnelheid te vinden.

Wat het beeld zelf betreft: daarover kunnen we kort zijn, want van alle toestellen die we op CES 2020 konden uittesten, had deze LG GX misschien wel het beste beeld. Het toestel is heel consistent, maakt haast geen fouten en is een meester in het opschalen van sd of hd naar 4K. Van alle tv’s in deze top 5 beschikt dit model overigens over de puurste wittinten.

Door de speakers naar beneden te richten, kan het chassis van de GX erg dun blijven. Dankzij Dolby Atmos en de nodige algoritmen klinkt het allemaal ook erg goed, maar toch ontbreekt er nog een klein beetje dynamiek en ook de bastonen hadden zeker wat meer geprononceerd mogen zijn. Een aparte soundbar of een subwoofer zou zeker al veel goed maken.

Beste 4k TV

Met de Magic Remote kan je gewoon naar het scherm wijzen en een cursor tevoorschijn laten komen waarmee je kunt navigeren. Ook heeft de afstandsbediening een scrollwiel en kan je haar met stemcommando’s bedienen. Dat je haar eveneens als universele afstandsbediening kunt gebruiken voor andere apparatuur, is natuurlijk een mooie extra. De interface blijft webOS en die heeft het laatste jaar niet al te veel aanpassingen ondergaan, maar als een van de betere besturingssystemen hoefde dat ook niet echt. Een aanrader, dus, deze LG OLED65GX6LA!

Wie prijsbewust wilt kopen, komt al snel bij merken als TCL en Vizio terecht. Dat TCL heeft bewezen heel degelijke tv’s te kunnen maken aan lage prijzen, weten we al: zo is de ‘6 Series’ erg gewild in de Verenigde Staten. Helaas: de allergoedkoopste modellen, zoals deze 55DP600, hebben lang niet alle functies die je in de betere TCL-modellen vindt. Als je gewoon een goed toestel nodig hebt dat minder dan 700 euro moet kosten (je kunt deze P600 hier en daar zelfs voor minder dan 400 euro op de kop tikken), dan is deze televisie zeker een optie.

Hoewel het beeld zeker te pruimen is, valt meteen op dat de betere HDR-formaten (HDR10+ en Dolby Vision) niet ondersteund worden, maar… écht erg is dat nu ook weer niet en dat komt omdat TCL-tv’s in het lagere segment nu eenmaal niet zo’n hoge helderheid weten te bereiken. Daardoor kunnen ze ook maar gedeeltelijk profiteren van ‘High Dynamic Range’.

Om echt van het goeie beeld te kunnen genieten, ga je best voor het toestel zitten: de kijkhoek is behoorlijk beperkt en langs de zijkanten is het dan ook een stuk minder visueel genieten. Ook het geluid is wat aan de zwakke kant en ontbeert kracht. In de middelste regionen valt het allemaal nog mee en hoor je ook de dialogen erg goed, maar eenmaal je hoge tonen voor de kies krijgt of een scène tegenkomt waarin veel bas zit (zoals wanneer er explosies te horen zijn), wordt het duidelijk dat er wat ontbreekt. Toch is deze DP600 een degelijke optie voor wie de 4K-wereld wil betreden, maar daar geen maandloon voor over heeft.

Test Aankoop koos deze Samsung UE55RU7400 als ‘beste koop’ en het is duidelijk waarom: ondanks de lage prijs, ondersteunt dit toestel HDR10+ en krijg je toch al aardig wat technologie waarmee Samsung in het verleden mee heeft gescoord.

Met de beeldkwaliteit zit het wel snor. Wij zagen erg weinig problemen met bewegende beelden. Alles werd erg vloeiend weergegeven en ook het contrast en de kleurenruimte zijn verrassend goed voor een toestel dat je op de kop kunt tikken voor minder dan 600 euro. Test Aankoop heeft echter duidelijk vooral bekeken wat de gemiddelde kijker van het toestel zou verwachten, want een iets meer veeleisend publiek zal bijvoorbeeld veel minder gemakkelijk tevreden zijn met de geluidskwaliteit. Alle tonen worden goed weergegeven en dialogen zijn gemakkelijk om te volgen, maar wie wat meer dynamiek en impact wilt in zijn of haar soundtracks of favoriete videoclips, haalt met deze RU7400 natuurlijk niet de allerbeste optie in huis.

Dat alles gezegd zijnde, valt wel de lage opgegeven ‘inputlag’ (of ‘latentietijd’) op. Als die klopt, hebben we hier met een uitstekende game-tv te maken die je niet zal teleurstellen wat responstijd betreft.  VRR of ALLM moet je echter niet verwachten en ook de verversingssnelheid is niet om naar huis over te schrijven, wat je wel parten kan spelen bij recentere, complexere games. Futureproof is dit toestel in ieder geval niet; als je van plan bent om een PlayStation 5 of X-box X in huis te halen, kies je best voor een tv die wel hdmi 2.1-aansluitingen aanbiedt.

Privacy Preferences
When you visit our website, it may store information through your browser from specific services, usually in form of cookies. Here you can change your privacy preferences. Please note that blocking some types of cookies may impact your experience on our website and the services we offer.